BREDA – Er komt een nieuw cultuurbeleid aan. Met speciale aandacht voor jongeren en broedplaatsen. Maar wat vinden de Bredase jongeren zelf? JongBreda, de Jongerenraad van Breda, zette een enquête uit die door ruim 400 Bredase jongeren werd ingevuld. Daaruit komt onder andere naar voren dat er veel behoefte is aan urban culture. En het verdwijnen van het Havenkwartier als culturele plek baart hen dan ook zorgen. “Bij een ongepolijste leeftijd hoort een ongepolijste omgeving.”
Ruimte. Dat is wat jongeren willen als je ze vraagt wat er in Breda beter kan om op cultureel gebied een toffe stad te zijn. Zowel fysieke ruimte, dus ateliers, broedplaatsen en ook het Havenkwartier, als de vrije ruimte, de vrijheid om jezelf te zijn en te uiten. “Veel creatieve jongeren vertrekken nu al naar steden als Rotterdam omdat hier simpelweg geen ruimte voor ze is, en met het verdwijnen van het havenkwartier zal dit alleen maar erger worden,” zegt een jongere in de enquête Cultuur in de Stad, hoe moet dat?
En over de vrijheid schrijft een andere deelnemer aan de enquête: “Die (Cultuur) moet je niet altijd willen organiseren. De dingen die gewoonweg ontstaan, die moet je krachtiger maken en versterken in plaats van willen reguleren.”
Cultuurbeleid
Cultuur en kunst staan op de agenda bij Gemeente Breda. Die maakt momenteel namelijk een nieuw cultuurbeleid voor de periode vanaf 2025. In dit nieuwe beleid moet antwoord komen op de vragen: Wat voor cultuurstad wil Breda zijn? Waar in de stad kan het cultuurbeleid landen? Hoe kan cultuur een stevigere positie krijgen in het economisch beleid? Bij de ontwikkeling van het beleid is speciale aandacht voor jongeren. JongBreda, de jongerenraad van Breda, werd gevraagd om de mening van de jongeren te verzamelen en zette een enquête uit. 412 jongeren tussen de 12 en 29 jaar vulden hem in en gaven vaak uitgebreid antwoord op de vragen: Wat kan er volgens jou beter in Breda qua kunst en cultuur? Wat is jouw favoriete culturele plek en waarom? En, wat voor soort cultuur in Breda vind jij het allerleukst? Om met die laatste vraag te beginnen: Urban Culture prijkt samen met de Podiumkunsten veruit bovenaan de lijst; allebei zijn ze goed voor 30 procent. Maar Urban Culture ‘wint’, want op de vraag, en welke soort cultuur vind je daarná het leukst?, staat opnieuw, nu met 34 procent Urban Culture bovenaan, zegmaar alle vrije creatieve uitingen van jongeren in de stedelijke omgeving. Daarna komen met 14 procent de digitale kunsten en opnieuw met 12 procent de podiumkunsten.
Urban Culture dus. In Breda is die de laatste jaren vooral op het Havenkwartier tot bloei gekomen. Dit gebied bestaande uit Pier15, Stek, Electron, Podium Bloos, Poppodium Phoenix en Belcrum Beach, wordt door 62 procent van de jongeren als dé favoriete culturele plek genoemd. Geen wonder dus dat de enquête wordt overspoeld met zorgen over het verdwijnen van dit gebied, want de plekken waar die Urban Culture zo wordt gevierd en beleefd, moet in de nabije toekomst plaatsmaken voor ’t Zoet, een hele nieuwe woonwijk zo groot als het centrum van Breda. “Het Havenkwartier is een culturele hotspot geworden waar jongeren zichzelf kunnen ontdekken, ontwikkelen en uiten. Ik weet uit eigen ervaring dat dit het leven van enorm veel jongeren extreem positief heeft veranderd,” schrijft een jongere. “Als dat gedeelte van Breda verdwijnt denk ik dat ik liever wil verhuizen naar een stad waar nog wel zo’n soort ruimte is voor makers,” schrijft een andere deelnemer. En een derde: “Ik snap dat er huizen nodig zijn, maar mensen willen in een mooie stad wonen waar ze trots op de cultuur kunnen zijn. Dan trek je dit gedeelte er toch niet uit? Het is heel treurig.”
Ook Marike de Nobel, wethouder Cultuur, ziet de zorg van het verdwijnen van het Havenkwartier als belangrijkste boodschap die de jongeren in de enquête brengen. Maar die is niet terecht volgens haar. “Als je alleen op ’t Zoet een vinex wijk zonder voorzieningen neerzet, dan wordt dat geen leuke wijk. Het moet bruisen,” zegt De Nobel. Het kan best zijn dat op termijn de dingen niet op de plek kunnen blijven waar ze nu zijn, maar we kijken juist naar wat jongeren belangrijk vinden. Op ’t Zoet is een Urban park getekend, waar ik heel blij van word.”
Of de jongeren daar ook blij van zullen worden, zal moeten blijken. Vooralsnog klinken er sceptische geluiden. “Als er op ‘t Zoet een nieuwe stad komt met een strook voor ons, werkt het alsnog niet. Bij een ongepolijste leeftijd hoort een ongepolijste omgeving,” zegt een jongere. Maar zo ongepolijst als het Havenkwartier heeft kunnen zijn, zullen we in Breda niet meer zien, volgens De Nobel. “De regelvrije zone die we op het Havenkwartier hadden was een tijdelijke regeling vanuit het rijk. Dat kan niet meer. We zullen bepaalde regels moeten hebben. Maar het gevoel van vrijheid kan ook te maken hebben met dat je mensen de ruimte geeft en dat ze zelf input moeten kunnen geven.”
Het nieuwe cultuurbeleid wordt niet vanuit een ivoren toren bedacht, wil De Nobel maar aangeven. “Het is juist belangrijk met jongeren te praten, te horen wat zij belangrijk vinden. Het is niet voor niks dat we een focusgroep voor jongeren hebben gehouden. Wij horen de jongeren echt.”